Lifestyle / Vrije tijd
Vrije tijd

De 5 fases die je doormaakt als je naar IKEA gaat


We komen er vaker dan we willen, kopen er meer dan nodig en gaan er toch iedere keer weer naar terug: IKEA. Maar wat gebeurt er nu precies als je 'm bezoekt? Deze 5 fases maak je door als je naar het woonwarenhuis gaat.

Hoe lyrisch we ook zijn over de dingen die we er soms vandaan trekken, met IKEA hebben we soms echt een haat-liefdeverhouding. We gaan er zo blij als een kind heen en komen er grienend vandaan. Maar wat gebeurt er nou allemaal als je weer eens voor een hanglamp komt en je met zes hortensia's weggaat? Tja. Je doorloopt, samen met de rest van Nederland, de volgende fases.

 
De ik-ben-deze-keer-echt-sterk-fase
Normaal kom je altijd met 395 extra dingen terug van IKEA, maar deze keer ben je op je bezoek naar je Zweedse vriend voorbereid. Dat betekent: géén set van acht minicactussen, géén vier pakken appelgeurkaarsen omdat het lente is en géén extra ritje langs de IKEA-shop voor chocolaatjes met die lekkere stukjes butterscotch erin. Je komt voor een Malmö en een Hektar en daarmee klaar. Afgesproken? Ja. Gaan we? We gaan.
 
De gezellig-hier-hè-fase
Zodra je binnenkomt, valt het je weer op hoe gezellig het is in IKEA. De kindjes roetsjen weer door Småland heen, de potloodjes liggen klaar, de appeltaart met twee-keer-koffie-als-je-een-familycard-hebt wordt verorberd. God, wat heb je dit gezellige woonwarenhuis gemist. En kijk nou, daar hebben ze weer van die kamers ingericht: wonen op 25m2, op 50m2, op 60m2… Als je nu eens in zo’n ruimte zou leven hè? Jammer alleen dat je nou nooit een huis tegenkomt dat de goede indeling heeft. Leuk dekbed hebben ze daar op die Tromsö gelegd, trouwens. 
 
De o-kijk-dit-kan-ik-ook-wel-gebruiken-fase
Alles leuk en aardig, maar nu je weet waar je je Malmö en je Hektar kunt vinden, heb je nog wat tijd over. Dat dekbed wat je net zag, hè? Kijk, niet om het een of ander, maar: je kunt wel een nieuwe gebruiken. Net als die rieten placemats: de stoffen die je nu hebt, kun je iedere dag in de was gooien. Aangezien je een vrouw bent met een drukke baan en dus een gróte Netflixbehoefte ’s avonds, moet je het jezelf makkelijk maken. En nu je er toch bent: je kunt niet eeuwig je vriendinnen niet zien omdat je over moet werken. Dus als je ze nou een kaartje stuurt dat je zelf opleukt met dat washitape wat hier ligt? Sinds je kat kun je trouwens geen fatsoenlijke anjer meer in huis halen, dus is het dan niet een vreselijk goed idee die Slätthult-decoratieblommen op je muur te plakken? Ja dus. Je moet ook niet té streng zijn voor jezelf, hè?
 
 
De why-on-earth-fase
Nadat je zes rieten placemats, vijf rollen washitape, twee bloemstickers, een shampoo-ophangsysteem, een dekbedovertrek en badslippers hebt gescoord, zit je kar aardig vol. De IKEA zelf trouwens ook: je staat bijna in de rij om ergens langs te kunnen komen. Daarnaast zitten er meer peuters in een winkelwagen dan in Småland en begint je maag te knorren. Wil je alleen terug naar het restaurant, dan moet je via de accessoires naar de badkamers naar de slaapkamers naar de bureaustoelen naar de lift die je naar de gehaktballen brengt. Dan maar door naar de kassa’s. Waar een rij van – geschat – zo’n 14,2 kilometer staat. 
 
De met-gierende-banden-naar-huis-fase
Sta je eenmaal achter negen totaal uitgeputte gezinnen in de rij om af te rekenen, realiseer je je opeens dat je de onderdelen van je bed niet uit het magazijn hebt getrokken. Kák. Met een geïrriteerde frons tussen je wenkbrauwen vertel je dit aan je vriend, die je er fijntjes aan herinnert dat het bed niet in het magazijn, maar in het ophaalcentrum één kilometer verderop ligt. Als vervolgens Devon van de familie achter je met het wagentje tegen je achillespees rijdt en je plastic shopper daardoor van je schouder dondert, ben je er klaar mee: fúcking IKEA. Nooit meer. Nadat je naast voor de Malmö en de Hektar 180,55 euro aan niks afrekent, snel je je naar het Zweedse supermarktje voor troostvoer: hotdogs die naar plastic smaken en repen cacao met butterscotch.

In welke fase herken jij je?