Lifestyle / Media
Media

Interview: Emigreren naar Aruba

Als klein meisje wist Marina het al. Ze wilde in een heel warm land wonen. "De kou in ons kleine kikkerlandje beviel me als kleuter al niet," vertelt Marina lachend. De vakantie naar Ibiza die haar moeder voor haar en haar zus had geboekt, was voor het vierjarige meisje een groot feest. "Ik heb gehuild toen we weer naar het vliegtuig reden," zegt Marina. "Ik vond het daar heerlijk. Lekker spelen in het zand, met mijn zus in de zon liggen... We vermaakten ons prima. Toen we terug kwamen in Nederland regende het pijpenstelen." Marina glimlacht en geeft intussen haar tweejarige zoontje Pablo een beker appelsap. "Ik durfde niet te vertellen dat ik mijn vriendinnetjes niet had gemist. Ik wilde alleen maar terug naar dat mooie land met die grappige bomen."

Marina is een jonge, knappe vrouw met lange donkere krullen. Haar licht getinte huidskleur doet me vermoeden dat zij geen Nederlandse van oorsprong is. "Nee hoor!" roept ze. "Ik ben honderd procent Nederlands. Hoewel... Ergens in de familie zit een klein beetje Spaans bloed. Misschien dat daar mijn hang in vertrek naar een warm land in zit."

Marina heeft samen met haar vriend Efraïm twee zoontjes, Pablo en Justin. "Efraïm komt van Aruba," vertelt Marina stralend. "Hij is hier naartoe gekomen om te studeren, maar wil uiteindelijk wel terug."

Het jonge koppel is onlangs voor een vakantie naar Aruba geweest en Marina werd toen in haar verlangen bevestigd. "Het is daar zo lekker," vertelt ze, "zo relaxt en zo fijn... Ik zou er liever vandaag dan morgen naartoe gaan." Ik vraag haar hoe ze dat voor zich ziet. Want zo'n emigratie is toch een flinke verhuizing. Ze heeft hier haar familie en haar vrienden. "Natuurlijk zal ik iedereen enorm missen," geeft Marina toe. "Mijn vriend heeft zijn familie nu ook niet om zich heen en dat is echt niet altijd leuk. Ik begrijp heel goed dat hij nu ook graag terug naar zijn roots wil en ik zal zelf moeten ervaren hoe dat dan is."

Ik probeer me voor te stellen hoe het is. Emigreren naar een land waarin je de taal nauwelijks spreekt. Marina roept meteen dat dat best meevalt. "Papiamento is echt heel makkelijk! Zelfs Pablo praat al een aardig woordje mee! Die kinderen pakken het sowieso wel snel op."

Ok, stel dat je de taal snel spreekt en een huis vindt. Hoe gaat het met een baan vinden? Marina vertelt dat de banen er inderdaad niet voor het oprapen liggen. Ze heeft in Rotterdam een leuke baan in de hulpverlening en het is de vraag of ze soortgelijk werk op Aruba zal vinden. Ze verwacht wel dat Efraïm snel aan het werk kan. Hij komt er oorspronkelijk vandaan en heeft er een ruim netwerk van vrienden en familie om zich heen.

Het is natuurlijk altijd mooi weer op Aruba. In ieder geval vaak. Maar wat nou als Marina na drie maanden huilend naar haar moeder belt omdat ze Nederland zo mist? Dat de zwoele zomerzon van Aruba haar niet meer kan verleiden en ze weer verlangt naar de regenachtige dagen in Rotterdam? "Natuurlijk is dat niet leuk," zegt ze serieus. Ze kijkt even naar de vloer. "Maar als dat zo is... Wat dan nog? Dan heb ik het geprobeerd. Ik ben mijn droom achterna gegaan. Samen met mijn vriend en de twee kleintjes."

Ik vraag me af of Marina het als falen ziet, na drie maanden weer terug komen naar Nederland. "Nee hoor," zegt Marina, "veel emigraties lopen op een teleurstelling uit en hoe realistischer de informatie vooraf is, hoe minder je verrast wordt op het ogenblik zelf. Ik heb er alle vertrouwen in dat het ons gaat lukken op Aruba."

Op verzoek van de geïnterviewde zijn de namen gefingeerd.